Monumenten straks toch onder energielabelplicht
Vanaf 29 mei 2026 vervalt de uitzonderingspositie voor monumenten: eigenaren van rijks-, provinciale en gemeentelijke monumenten moeten bij verkoop, verhuur of verlenging van een huurcontract een geldig energielabel kunnen overleggen. Tot nu toe waren deze panden vaak uitgezonderd, maar dat verandert nu. Alleen specifieke categorieën blijven buiten de verplichting, zoals gebouwen zonder energiegebruik, kleine bijgebouwen en religieuze gebouwen die nog worden gebruikt voor erediensten.
Impact voor eigenaren en gemeenten
Voor vastgoedeigenaren betekent de nieuwe regel dat bij elke overdracht of nieuwe of verlengde huurovereenkomst een energielabel aanwezig moet zijn. Lopende contracten blijven ongemoeid, zolang ze niet worden gewijzigd.
Het energielabel geeft een helder beeld van de energieprestatie van het monument. Dat maakt het eenvoudiger om gerichte verduurzamingsmaatregelen te plannen en om de gebouwen beter toekomstbestendig te maken. Gemeenten krijgen hiermee meer grip op de energieprestatie van monumenten binnen hun gebied, bijvoorbeeld bij herbestemming, verkoop of gebiedsontwikkeling.
Zo vraag je een energielabel aan
Een energielabel voor een monument wordt op dezelfde manier vastgesteld als voor gewone gebouwen: via een gecertificeerde energieprestatieadviseur volgens de landelijke rekenmethode (NTA 8800). Er bestaat dus geen speciaal monumentenlabel.
Eigenaren doen er goed aan tijdig te controleren of hun pand al geregistreerd staat en of een bestaand energielabel nog geldig is. Een label heeft een geldigheidsduur van tien jaar, daarna moet het worden vernieuwd.

Verplichting met kansen
Hoewel de energielabelplicht extra stappen vraagt van vastgoedeigenaren, biedt zij ook kansen. Het label maakt verduurzaming concreet en stimuleert investeringen die zowel het comfort als de toekomstwaarde van monumenten versterken. Voor gemeenten vormt de regeling een extra instrument om duurzaam erfgoedbeheer te stimuleren.